Nieuwjaarstoespraak

Geachte aanwezigen, lieve inwoners van IJsselstein – de wat oudere, maar vooral ook jongere...
Het jaar 2026 is inmiddels meer dan een volle week oud. En dát we een nieuw jaar in zijn gegaan was goed te horen aan het vele vuurwerk. Het leek nóg meer dan anders, nog harder, nog uitbundiger.

Dat er op iedere hoek van de straat vuurwerk wordt afgestoken is, historisch gezien, een jonge traditie. Vuurwerk zélf is eeuwenoud. Maar dat ‘de burgerij’ – dus gewone mensen zoals u en ik – volop vuurwerk afsteken, is pas echt gewoon geworden in de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw. Zo bekeken zou het dus makkelijk moeten zijn om vanaf volgend jaar weer terug te gaan naar hoe het al ging vanaf de 16e eeuw in ons land: wél professioneel vuurwerk bij grote openbare en ‘vorstelijke feesten’, maar géén vuurwerk op iedere straathoek bij oud & nieuw. Voor onze huisdieren, voor een groot deel van de inwoners, én voor onze hulpverleners bij politie, brandweer en ambulance, zal dat een opluchting zijn.

U weet vast dat vuurwerk afsteken bij de jaarwisseling aansluit bij de eeuwenoude gewoonte om kabaal te maken om boze geesten te verjagen. Voordat vuurwerk daarvoor het middel werd, beierden in de steden de klokken een half uur lang. Kinderen gingen de straat op met ratels en pannendeksels om zo veel mogelijk lawaai te maken. Misschien zijn dat tradities die we volgend jaar weer nieuw leven moeten inblazen. Mijn kinderen zie ik het wel doen, met die pannendeksels.

Lawaai maken om boze geesten af te schrikken. Dat doen we vaker dan met oud & nieuw. Vooral in overdrachtelijke zin: lawaai maken om boze stemmen te verjagen. Lawaai maken om het geluid van andersdenkenden te overstemmen. Zo gek is het niet: als je niet gehoord wordt, ga je méér lawaai maken. Als je afstand voelt, ga je harder schreeuwen. Dan kom je tegenover elkaar te staan. Ik tegen jou, wij tegen zij, voor of tegen, je bent met ons of je bent tegen ons. Dát, of je keert je simpelweg af en doet niet meer mee.

Dit soort tegenstellingen zien we steeds meer. Internationaal, bijvoorbeeld in het Gaza-conflict; nationaal, bijvoorbeeld in de discussie rond asiel en migratie of rond stikstof. En helaas zien we het ook lokaal, in gemeenten, in wijken en buurten. Of het nu gaat over een AZC, over wonen, wolven of windmolens: in vele gemeenten zien we polariserende discussies die eindigen in schreeuwen en overschreeuwen. We lijken de kunst verleerd om verbinding te maken.

Voor wie nu zélf dreigt de verbinding met mij te verbreken door dit toch wat sombere verhaal: ik kan u geruststellen. De meeste Nederlanders hebben nog altijd het gevoel dat ze met elkaar in verbinding staan. Werken, onderwijs volgen, vrijwilligerswerk doen of mantelzorg bieden: de meeste Nederlanders kunnen, willen en doen dat ook. En dat geldt zeker ook voor hier, voor IJsselstein, voor u. Er is reden genoeg om zin te hebben in 2026. Om de somberte dansend en zingend van ons af te gooien, zoals deze avond. Het gaat ons goed!

Het gaat ons goed; doordat we de kracht van vrijwilligers ervaren. IJsselstein zit vol initiatiefkracht. De HKIJ die al 50 jaar de geschiedenis van ons stadje in het licht zet. IJsselstein4Elkaar als platform waar inwoners en organisaties elkaar vinden voor vrijwilligerswerk of maatjescontact. De Stichting Impact IJsselstein die met een eigen kersttrui komt, met de opbrengst voor de Stichting Leergeld. Talloze mantelzorgers, vrijwilligers op de scholen, via de kerken, in de ouderenzorg, bij sportclubs… IJsselstein mag trots zijn op de kracht van vrijwilligers. Ze verbinden de stad. 2026 is door de Verenigde Naties uitgeroepen tot het jaar van de vrijwilligers – we zetten hén in het licht.

Het gaat ons goed; doordat we blijven bouwen aan de stad van morgen. De stad van de volgende generatie. Die volgende generatie ziet u hier vanavond ook letterlijk op de voorgrond, hier in het Fulco, wederom genomineerd als beste kleine theater van ons land. We zien het in woningbouwprojecten, die na lange voorbereidingen hopelijk ook leiden tot de schop in de grond in 2026. We zien het in de economische visie die we samen met ondernemers opstelden en die zelfbewustzijn en ambitie uitstraalt.

Het gaat ons goed; doordat het gemeentebestuur – raad en college – samen werkt aan de beste beslissingen van IJsselstein. En hoewel we continu op onze portemonnee moeten letten, hebben we in 2025 geen écht pijnlijke bezuinigingen hoeven door te voeren. Gemeenteraden nemen vaak ingewikkelde besluiten. Er is altijd wel iemand ontevreden. U moet niet vergeten; raadsleden zijn in de kern óók vrijwilligers. Net als de mensen die zorgen dat de Grootste Kerstboom weer brandde, dat duizenden kinderen mee konden doen aan de IJVO, dat de IJsselsteinloop weer een succes was, de vrijwilligers in het prachtig vernieuwde Museum IJsselstein en al die anderen die hun tijd inzetten om het goede te doen en het goed te doen. En hun inzet lijkt misschien gewoon, maar is het niet. Zij zijn goud waard – en als zij ons ontvallen, zoals raadslid Michel Versteeg in februari 2025, dan laat dit een gat achter.  

Of we het goed doen en of we het goede doen bespreken we steeds mét u. In verbinding. In gesprek. Of er op het Podium wel of geen woningbouw moet plaatsvinden. Hoe we de leefbaarheid en veiligheid in IJsselveld-Oost verbeteren. Voor mij is die verbinding de leidraad voor 2026. Natuurlijk laat u door te stemmen bij de gemeenteraadsverkiezingen straks in maart 2026 weten hoe het verder moet met IJsselstein. Maar daar stopt het niet. We hebben continu verbinding nodig.

We moeten het komend jaar ten eerste met elkaar in verbinding komen over veiligheid. Het gesprek over wat nodig is om je overal in IJsselstein veilig te voelen – wie je ook bent en waar je ook bent. Het gaat ons goed, maar IJsselstein heeft een aantal zware incidenten op veiligheidsgebied beleefd in 2025, waaronder een geval van femicide. Dat maakt mij, en u, bezorgd. Niet voor niets trok de actie Orange the World – de actieperiode tegen geweld tegen vrouwen – meer aandacht dan ooit tevoren.

We moeten ten tweede met elkaar in verbinding rond weerbaarheid. Het gesprek over hoe we in deze onrustige wereld elkaar kunnen helpen als het mis gaat. Als we te maken krijgen met een stroomstoring die dagen duurt. Wanneer digitale systemen platliggen. Als er geen water meer uit de kraan komt. Ook de rijksoverheid wijst ons hierop met de campagne ‘Denk Vooruit’. Dat gaat niet om doemdenken, maar over voorbereid zijn. Kern in die voorbereiding is, als u het mij vraagt, níet het noodpakket, maar de verbinding. De verbinding met de ander, met uw teruggetrokken oudere buurman of de Syrische overbuurvrouw die u eigenlijk nog nooit gesproken heeft. U heeft elkaar nodig.

En we moeten ten derde met elkaar in verbinding over de balans tussen levendigheid & leefbaarheid. De feesten op het Podium, stappen in de binnenstad, Carnaval: het is wat ons stadje bijzonder maakt. We zijn er trots op, we willen het behouden, maar het schuurt soms ook.

Dit gaat allemaal niet over ‘wij tegen zij’. Het zijn geen gesprekken met ‘goed en fout’. Het zijn geen gesprekken waarin we alleen naar de ander kunnen kijken. Het zijn gesprekken waar we sámen de eigenaar van deze opgaven zijn en we kunnen – nee we móeten – samen op zoek naar wat werkt. We hebben daarin de verbinding met elkaar hard nodig.

Die verbinding, dat gesprek, vraagt geen lawaai. Geen verbaal vuurwerk, niet het overstemmen van de ander. Het vraagt niet alleen praten, het vraagt juist wat vaker je mond houden. Om goed te kunnen luisteren. Écht luisteren is een vorm van erkenning en respect. Het zet het licht op de ander en geeft ruimte aan de ander. Luisteren leidt tot bij elkaar horen en ‘bij elkaar horen’ – saamhorigheid. Dat kúnnen wij nu juist zo goed in ons stadje, dat heb ik in mijn eerste 100 dagen als uw burgemeester veelvuldig mogen ervaren.

Dames en heren, lieve mensen, 
Een nieuw jaar, een lege kalender: dat voelt ook weer fris & nieuw. Met ruimte voor nieuwe keuzes en nieuwe verbindingen. Met de beweging vooruit. Ik sta met vertrouwen aan de start. Ik heb zin in wat komen gaat. Dát gevoel wil ik vanavond meer dan wat dan ook aan u overbrengen. Ook letterlijk. Door u te verrassen met muziek en dans van veelal jonge IJsselsteiners. Door de verbinding naar hén te leggen. Voor hén is vanavond het podium: jong, fris, in beweging, met de blik vooruit, in verbinding en vol vertrouwen in de toekomst. En daarop hef ik graag met u het glas: ik wens u en allen die u lief zijn EEN GELUKKIG NIEUWJAAR!